Home » Demeter nieuws feb. '22

Gezondheid als poort naar bewustzijn

Verslag winterconferentie BD-Vereniging over ‘Kwaliteit van biodynamiek voor aarde en mens’ ‘Ons aller gezondheid begint bij een levende bodem’

‘Ons aller gezondheid begint bij een levende bodem’, stelt Demeter directeur Bert van Ruitenbeek tijdens de Winterconferentie van de BD-Vereniging op 26 februari 2022. Hij richt de blik naar buiten en roept op tot een brede samenwerking met groepen die ook zien hoe ziekmakend het huidige landbouw- en voedselsysteem is. Edith Lammerts van Bueren richt de blik juist naar binnen met een boeiend verhaal waarin ze laat zien hoe biodynamische voeding de ontwikkeling van mens en aarde naar de toekomst toe ondersteunt.

De Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw en Voeding bouwde met haar winterconferentie voort op het thema van de internationale BD-conferentie begin februari: ‘Kwaliteit van biodynamiek voor aarde en mens’. Ruim 100 deelnemers waren naar Warmonderhof in Dronten gekomen voor het programma met voordrachten van Bert van Ruitenbeek en Edith Lammerts van Bueren, met negen verschillende workshops en met gezamenlijke zang en uitwisseling. Een levendige dag waar ook het vroegere lijflied van de BD-Vereniging ‘De aarde zal weer vruchtbaar zijn’ werd gezongen.

Voordracht Bert van Ruitenbeek: ‘Gezondheid is een poort naar bewustzijn’

Bert van Ruitenbeek, directeur van Stichting Demeter, start zijn voordracht met het vragen van een minuut stilte om te mediteren voor vrede in Oekraïne. Vervolgens richt hij zijn verhaal op hoe we ons als BD-beweging meer kunnen verbinden met de buitenwereld. Het begrip ‘gezondheid’, zowel voor aarde als mens, is hierbij in zijn ogen leidend.

Maarten Toonder heeft met zijn avontuur van Olie B. Bommel over de Bovenbazen de toestand van de wereld raak geschetst. “De bovenbazen hebben een schier onvervulbaar ego en een fascinatie voor macht en geld en blijven ons telkens nieuwe behoeften aanpraten en opdringen, die ons niet de beloofde verlossing brengen, maar wat juist ten koste gaat van de natuur, van onze gezondheid, van onze vrijheid, onze relaties. Wat zorgt voor zielloos werk, voor stress, ons afstompt, aanzet tot verslavingen en uiteindelijk de tak afzaagt waar we allen op zitten. Dit primair op groei en geld gedreven systeem maakt de aarde en ons allemaal ziek. Geestelijk en lichamelijk.”

Wat kunnen we hiertegenover stellen? Op BD-bedrijven is de kracht en vreugde te ervaren die ontstaat als je alles in samenhang waarneemt en daarnaar handelt. Bert: “Het BD-bedrijf is als de aarde, als levend systeem in het klein. Eilandjes of oases van hoop en vrede. In het klein wordt daarmee een voorbeeld geschapen van een systeem waar het leven zich welkom voelt, als alternatief voor een samenleving waar het leven steeds verder onder druk komt te staan.

Vanuit deze eilandjes van hoop wil Bert veel meer mensen inspireren en met ons verbinden. Zelf heeft hij veel inspiratie en nieuwe inzichten opgedaan van ‘hedendaagse leermeesters’, mensen die vanuit heel verschillende invalshoeken met het thema gezondheid bezig zijn op een manier die resoneert met wat de BD-beweging voorstaat. Hij ziet kansen voor samenwerking, zodat een grotere beweging kan ontstaan.

Bert heeft 13 filmfragmenten verzameld om het publiek mee te nemen naar zijn inspiratiebronnen. Als eerste komt activiste Vandana Shiva aan het woord: “Als je de aarde ziet als dood materiaal, dan zal je de aarde exploiteren. Zie je hoe alles op aarde onderling is verbonden, dan zal je dit verzorgen.” (fragment 1, van 0.2-1.38) Dit bewustzijn kunnen we op BD-boerderijen stimuleren, vult Bert aan, door kinderen in contact te brengen met de samenhang in de natuur. En voor volwassenen: de eigen gezondheid en die van onze geliefden ligt iedereen het meest na aan het hart. Daarmee is het een ingang, een poort zogezegd, naar een hoger bewustzijn. Een poort die helaas vaak pas open gaat bij ziekte of juist bij geboortes.”

Volgens voedingshoogleraar Jaap Seidell is ons voedselsysteem gebaseerd op handel en verleidt het ons tot overconsumptie. Hij zegt: “We hebben een chronische-ziekte-epidemie: meer dan een miljoen mensen met diabetes type 2, ruim vier miljoen mensen met te hoge bloeddruk, twee of drie miljoen mensen met te hoge cholesterol ende helft van de bevolking is te zwaar. Dit is het gevolg van ons voedselsysteem.” Dit leidt ook tot hoge kosten. De gevolgen van Covid zijn enorm vergroot door de welvaartsziektes. Volgens hem moet er geïnvesteerd worden in een ander voedselsysteem, gericht op gezondheid en duurzaamheid. (fragment 2 van 1.17-3.16 en fragment 3 4.28-5.01)

In een volgend fragment laat neuroloog Bas Bloem zien hoe in Frankrijk een kaart waarop gebieden zijn aangegeven met hoge gehalten aan bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater naadloos past op een kaart met gebieden waarin veel Parkinson voorkomt. (fragment 4, van 2.42 tot 5.09) Voedseljournalist Michael Pollan vertelt dat McDonalds friet maakt van een heel langwerpige aardappel, de Russet Burbank, zodat ze lange frietjes kunnen snijden die als een mooi boeket in het rode bakje gepresenteerd kunnen worden. Maar om deze aardappel vrij van aantastingen te telen is een middel nodig dat zó giftig is, dat boeren na het spuiten vijf dagen niet op hun land komen. Na de oogst moeten de aardappels eerst zes weken uitdampen voordat ze eetbaar zijn. Michael Pollan: “Zo zie je dat de wens voor een bepaalde vorm friet, leidt tot een bepaalde vorm van landbouw.”(fragment 5, van 2.41-3.58)

Viroloog en vogelgriepexpert Thijs Kuiken zegt stellig dat intensieve veebedrijven vaak gezien worden als hygiënischer, maar dat dat niet waar is: “De kans op een uitbraak van een infectieziekte op een intensief veebedrijf is juist hoger dan op een extensief veebedrijf.” (fragment 6, van 17.28-19.16)

Dit soort verbanden moeten we veel meer aan consumenten laten zien, vindt Bert. “Onze gezondheid is niet alleen verbonden met onze voeding en leefstijl, maar ook met de gezondheid van onze leefomgeving en onze medemensen. ‘One health’ gaat over gezondheid in de breedst mogelijke zin, die samenhangt met gezondheid van ecosystemen, met de kwaliteit van onze relaties, met zingeving, met broederschap in het economisch leven. Volgens het ‘One life’ principe komt alle leven voort uit dezelfde bron. Als de aarde koorts heeft, hebben we allemaal koorts.

Zelf werkte Bert 25 jaar geleden voor Unicef, waar hij de strijd aanbond met machtige producenten als Nutricia en Nestlé die moeders met hun reclamecampagnes deden geloven dat poedermelk gezonder was dan borstvoeding. Daarmee hadden ze de dood van veel baby’s op hun geweten, omdat de moeders niet genoeg poedermelk konden betalen en het met vervuild water aanlengden. “Maar tegen teveel bewustzijn kunnen ze niet op. De les die we hieruit kunnen trekken, is dat we samenwerking nodig hebben met maatschappelijke organisaties. We moeten verbinding leggen met de betrokken mensen en het persoonlijk en relevant voor ze maken.

De Zembla uitzending over het Kippenexperiment was wat dat betreft heel sterk voor de bewustwording. Onderzoeksleider Machteld Huber zag in dit onderzoek hoe biologisch gevoerde kippen zich beter herstelden na ziekte dan gangbaar gevoerde kippen, maar mocht deze conclusie niet trekken. “Chantage”, noemt ze dat zelf in fragment 7 (van 0.00-1.25). Opvallend hierin is ook de uitspraak van oud-landbouwminster Kees Veerman: “Wat je bespreekt over biologische landbouw versus de gevestigde landbouw is niet alleen maar ‘jongens, wat is nu het beste’, daar zitten belangen achter, daar zitten financiële belangen achter.”

Ons verhaal en ons werk mag niet bij een paar procent biodynamische landbouw blijven steken, het kan een vliegwiel zijn voor een echte systeem verandering. En daar hebben we de jeugd voor nodig. . Dit jaar zijn er 170 aanmeldingen voor de deeltijdopleiding van Warmonderhof. Al heeft een deel van hen meer interesse voor voedselbossen, permacultuur, agro-ecologie en minder voor BD-landbouw, ze verrijken onze beweging als we ons ermee verbinden.

Herman Wijffels, prominent lid van de Wetenschappelijk Raad voor Integrale Duurzame Landbouw en Voeding, zegt dat we in het huidige landbouw- en voedselsysteem toe zijn aan een andere manier van denken: “Het paradigma van maximale voedselproductie moet worden vervangen door een paradigma van gezondheid.” (fragment 8 van 12.05-14.28)
Andere fragmenten tonen geoloog Peter Westbroek die in het gedrag van de aarde een zich ontwikkelende planeet herkent (
fragment 9 van 3.06-5.30); antroposofisch arts Arie Bos over ‘het wonder van het ontstaan van leven’ (fragment 10 van 9.34-11.18), huisarts Tamara Weijer die in haar spreekkamer veel klachten tegenkomt gerelateerd aan ongezonde voeding en leefstijl, terwijl daar in de opleiding nauwelijks aandacht voor is (fragment 11 van 7.13-8.12) en de emotionele oproep van Gretha Thunberg tijdens de VN-top waarin ze wereldleiders oproept in actie te komen: “How dare you?!” (fragment 12 van 0.00-0.46)

Ons aller gezondheid begint bij een levende bodem, concludeert Bert. Dit besef, dit bewustzijn, moet bij veel meer mensen doordringen. De huidige agro-industriële landbouw is ziekmakend. Samen met andere groepen die onze waarden en zorgen delen, kunnen we bouwen aan een meer inclusieve, eigentijdse beweging. Bert: De BD-landbouw heeft een lange historie en grote bewezen waarde, maar de sprong van onze ‘eilanden van hoop’ naar de buitenwereld is nog een enorme uitdaging. De BD-landbouw is in essentie een vredesbeweging die niet wil strijden en heersen over de natuur, maar in verbondenheid met en liefde voor de natuur planten en dieren in cultuur brengt. We vormen samen de bemensing van een klein maar robuust bootje met een Demeter vlag, maar er zijn veel meer bootjes waar we samen mee kunnen opvaren als we daarvoor open staan. Een vloot voor vrede en vernieuwing.

Met er afsluiting een fragment van Eckhart, over de kracht van het NU. “In het NU ligt de kracht van verandering. (fragment 13 van 2.02-5.24)

Voordracht Edith Lammerts van Bueren: Voeding die de samenhang van denken, voelen en willen voedt

Edith Lammerts van Bueren (emeritus hoogleraar biologische plantenveredeling) zocht vanuit haar jarenlange betrokkenheid bij de BD-sector naar een diepere laag met haar verhaal over ‘Biologisch- dynamische landbouw: volwaardige voeding voor mens en aarde’.
Zoekend naar een antwoord op de vraag ‘Wat willen we met BD
-voeding bereiken?’ dacht Edith aan een antwoord dat Rudolf Steiner gaf op vragen van Ehrenfried Pfeiffer: ‘Zoals de voeding tegenwoordig gevormd is, geeft zij de mensen niet meer de kracht het geestelijke in de materiële werkelijkheid gestalte te geven. De brug van denken tot handelen kan niet meer geslagen worden.’ Edith: “Die verlamming is in de samenleving merkbaar, het is de tijdgeest. Kijk maar naar de klimaatcrisis. We weten wat er moet gebeuren, maar we doen het niet. En moraliteit is soms ver te zoeken, alsof ons handelen niet meer met gevoel, met ons hart verbonden is. Alsof de drie-eenheid ‘denken, voelen, willen’ uit elkaar dreigt te vallen. Daarmee staat de integriteit van het mens-zijn op het spel. Immers, we voelen ons pas optimaal mens (‘in balans’) als onze drie zielenkwaliteiten denken, voelen en willen geïntegreerd zijn. Pas dan kunnen we ‘menswaardig’ handelen.”

De vraag is dus, volgens Edith, hoe we tot ‘menswaardige voeding’ komen, die mensen ondersteunt bij de integratie van denken, voelen en willen. En welke rol BD-voeding en de BD-preparaten hierbij spelen.
Toen zij midden jaren ’80 als onderzoeker bij het Louis Bolk Instituut begon, vroegen veel telers zich af waarom preparaten binnen de BD verplicht waren, terwijl de werking ervan vaak niet zichtbaar was. Edith: “Die vraag raakte me enorm. Ik was net hersteld van een stevige burn-out waar ik leren moest niet stuk te gaan op mijn te hoge idealen. Ik moest ze als een punt op de horizon zien en meer geduld hebben voor de weg er naar toe, mijn proces dus. Ik zag parallellen: moeten we bij die vraag over de preparaten niet veel meer naar de gewasontwikkeling kijken, dus naar het proces, dan alleen naar het eindproduct bij het vergelijken van wel of niet gebruik van preparaten? Daardoor was immers verwarring ontstaan, omdat bij preparatengebruik de ene keer de opbrengst hoger was en de andere keer juist weer lager of er was geen verschil.”

Ze besloten wekelijks het ontwikkelingsproces van kropsla te volgen, tot voorbij de oogstbare fase, en daarbij sla die met veldpreparaten (hoornmest en hoornkiezel) werd behandeld te vergelijken met onbehandelde sla. Ze toont een dia met resultaten (zie afbeelding hieronder): bij een groeizaam jaar ging de groei van de onbehandelde sla sneller van start en na het oogstmoment zwollen de kroppen enorm op, waardoor ze tijdens het in bloei schieten wegrotten. In de bloeiwijze van planten die de bloei wel haalden was 77% rot, terwijl in de met preparaten behandelde sla slechts 13% rot was. Het resultaat na vele jaren onderzoek vat Edith als volgt samen: “De veldpreparaten zorgden ervoor dat de sla in een groeizaam voorjaar niet te snel uit zijn voegen groeide en een meer ingehouden groei vertoonde. In een koud voorjaar werd de sla juist gestimuleerd in de groei. Preparaten werken dus,afhankelijk van de context, in een richting die tot een meer ‘sla-eigen’ gewasontwikkeling leidt en een smaakvoller en beter houdbaar product levert.”

De polaire werking van het groei ondersteunende mestpreparaat en het differentiatie (of rijping) ondersteunende kiezelpreparaat maakte het de sla mogelijk een meer ‘sla-eigen’ vorm te ontwikkelen, sla met karakter, terwijl de onbehandelde sla sneller wegrotte, een soort van ‘plofsla’. Eten we deze sla, dan komen in de spijsvertering deze vormende krachten vrij. Edith: “We hebben hiermee een belangrijk aspect te pakken bij de vraag: wat betekenen de preparaten voor de voedingskwaliteit voor de mens? We willen voeding die niet alleen de fysieke mens van nutriënten voorziet (brandstof), of van louter groeikrachten, maar voeding waarvan de groeikrachten doordrongen zijn van vormende, differentiërende krachten die bij een rijpingsproces horen en die hem geestelijk goed doen. Krachten die hem optimaal ondersteunen in zijn ontwikkeling als mens in het proces van leren integreren van zijn drie zielenkwaliteiten denken, voelen en willen. Ik zou dus zeggen: BD kwaliteit is voeding voor de integrerende mens; voor het op elkaar afstemmen van zijn denken, voelen en willen.”

 

Wat dit onderzoek ook duidelijk heeft gemaakt, is dat preparaten ervoor zorgen dat planten niet louter overgeleverd zijn aan weer en seizoen, maar zich kunnen ‘emanciperen’. Edith: “Dus ze werken niet louter harmoniserend, maar emanciperend.”

De volgende vraag waar Edith op ingaat is: wat betekent BD-landbouw voor de aarde, vanuit een spiritueel oogpunt. Ze vertelt: “De antroposofie, als de bron van de BD, gaat ervanuit dat er achter de zichtbare wereld een onzichtbare wereld is van krachten waar een diversiteit aan scheppende wezens mee verbonden is. En dat de ontwikkeling van de aarde en die van de mens verweven met elkaar zijn en van elkaar afhankelijk.”

In de Griekse mythologie wordt Persephone, godin van het plantenrijk en dochter van landbouwgodin Demeter, geschaakt door Hades, god van de onderwereld. Met haar woedende moeder Demeter sluiten ze een compromis: Persephone verblijft de helft van het jaar in de bovenwereld en de andere helft in de onderwereld als beeld van het ontstaan van de seizoenen. Volgens Steiner verbindt Persephone zich in onze tijd als geestelijk wezen met de levenslaag van de wereld ‘om de plantenwereld te bevrijden van de noodzaak zich uitsluitend vanuit het aardse te moeten ontwikkelen’.
Toen Edith enkele jaren geleden voor een lezing haar preparatenonderzoek van de plank haalde, realiseerde zij zich opeens: de BD-veldpreparaten zijn bij uitstek de instrumenten van Persephone. Edith: “Zij heeft de doordringing van de polaire levenskrachten (aardse en kosmische) tot in haar wezen gerealiseerd met haar jaarlijkse, ritmische gang door de boven- en onderwereld. Zij brengt aardekrachten aan het licht in voorjaar en zomer, en brengt goddelijke lichtkrachten in de herfst- en winteraarde. Zij werkt niet rechtstreeks op de plantenwereld in, maar zij stuurt de natuurwezens aan die via de vier elementen aarde, water, lucht en warmte – plantengroei mogelijk maken.” Preparaten verzorgen hierbij een bijzondere rol. Die geven nieuwe richting aan de ontwikkeling van aarde en de planten, omdat met de doordringing van de polaire seizoenskrachten in onze voedingsgewassen een nieuwe kwaliteit wordt toevoegt die in de natuurlijke gang door de seizoenen alleen na elkaar aanwezig is.

Edith rondt haar verhaal af met de samenvattende woorden uit het mooie nieuwe boek* van Manfred Klett: “De biodynamische landbouw heeft als doel zo met de natuur om te gaan dat de krachten van de bovenwereld (de geestelijke krachten) worden ontsloten en meegenomen, en daarmee de aarde ontvankelijk te maken voor de kosmische krachten. BD is er op gericht om niet alleen het levensaspect te verzorgen, maar er ook toekomstkrachten dat wil zeggen ontwikkelingsperspectief aan toe te voegen, zodat de aarde kan deelnemen in de ontwikkeling die de mensheid te gaan heeft.”

* Over het boek Von der Agrartechnologie zur Landbaukunst, geschreven door Manfred Klett, schrijft Tom Saat een boekbespreking in 4 delen, te lezen via bdvereniging.nl. Het boek zal in 2024, 100 jaar na Steiners Landbouwcursus, ook in het Nederlands verschijnen.

Workshop Liesbeth Bisterbosch: ‘In een appel eet u werkelijk Jupiter, in een pruim eet u werkelijk Saturnus’

Dit citaat uit de Landbouwcursus van Rudolf Steiner was uitgangspunt voor de workshop door Liesbeth Bisterbosch, die in Wageningen Voeding van de mens studeerde en jaarlijks de Sterren en Planetenkalender samenstelt.

In die Landbouwcursus onderscheidt Steiner voor voedingsplanten twee levensstromen: het groeien hiervoor zijn aarde en water nodig en het vormen van voedingskwaliteit hiervoor zijn licht en warmte nodig. De planeten Maan, Venus en Mercurius werken via de kalkprocessen op de massavorming, de voortplanting. Daarentegen zijn Jupiter en Saturnus via kiezel werkzaam. De plant kan haar zintuigen voor haar oerbeeld, het soortspecifieke, openen.

Steiner geeft een heel ander beeld van voedingskwaliteit dan we gewend zijn. Manfred Klett verwoordde het zo: “Hoe meer het oerbeeld van de plant het voedingsgewas kan doordringen (hoe meer een plant gerijpte substanties kan vormen), des te sterker zijn haar voedende krachten. Bij het eten van gerijpte wortelen, bladgewassen, granen, boomvruchten, boomzaden etc. ontmoet je verteringssysteem een rijke diversiteit aan vormende levensprocessen. Deze ontmoetingen versterken de opbouw van het individuele organisme. In antroposofische ziekenhuizen wordt veel appelmoes gegeten. Het gerijpte vruchteiwit ondersteunt de opbouw.

Wanneer de groei bij een plant te sterk is, kan de bloei- en zaadvorming zich niet goed ontwikkelen. Een mens kan blijven hangen in het spiegelen van de omgeving, zonder in bloei te komen en te rijpen. Het ontwikkelingsbeeld van planten toont overeenkomsten met het innerlijke van de mens.

Kijk je naar de plantenwereld in zijn geheel, dan zijn woekerende onkruiden meer verbonden met Maan, Venus en Mercurius. De vrucht- en zaadbomen tonen overeenkomende eigenschappen als Saturnus en Jupiter, de pruim toont meer de warmte-eigenschappen van Saturnus, de appel de licht- eigenschappen van Jupiter.

De vloer van het lokaal ligt vol kaarten van de hemelbogen van de zon en de sterrenbeelden. Liesbeth bespreekt het jaarlijkse stijgen en dalen van de zon, de 15 jaar durende stijgende gang van Saturnus en de 6-jarige gang van Jupiter van zijn laagste naar zijn hoogste hemelboog.
Wanneer Saturnus en Jupiter aan de ochtend-, nacht en avondhemel zichtbaar zijn, bewegen ze met het stijgen en het dalen van het dierenriembeeld mee. Als ze te middernacht zichtbaar zijn, gaan ze zelfs sneller dan de sterren van oost naar west. Saturnus zal dit jaar ten opzichte van de sterren van de visstaart van de Steenbok iets westwaarts verschuiven
Bomen tonen een vergelijkbaar beeld als Saturnus en Jupiter. De boom volgt het jaarverloop van de aarde, maar heeft daarbij een eigen ritme. Ze volgt de seizoenen én laat haar eigen karakter zien.

Het eten van rijpe boomvruchten en boomzaden kunnen de mensen extra goed gebruiken, omdat dit hen sterkt bij hun ontwikkelingsweg. Het mooie is dat je de behoefte aan meer bomen ook terugziet in vernieuwende vormen van landbouw, zoals voedselbossen en agroforestry.

Workshop Jozien Vos en Edith Lammerts van Bueren: ‘Hoe komen we in tweegesprek met de natuur’

Jozien Vos en Edith Lammerts van Bueren zijn op zoek naar verdieping in de BD en zien dat die ontwikkeling samengaat met contact kunnen maken met dat wat is, vragen kunnen stellen in respect. “Hoe laten we gewassen zich in ons uitspreken?”, begint Edith ter inleiding. “Hoe horen we wat bomen en gewassen ons te vertellen hebben?” Ze kunnen op veel manieren tot je spreken, legt ze uit. Via een sfeer die je proeft. Een kleurbeleving. Een woord dat in je opkomt, een klank. Of je merkt dat je aandacht opeens ergens heen wordt getrokken. Het open staan is iets wat je moet oefenen. Je hebt er een nieuwe taal voor nodig, het is vaak moeilijk in woorden te vatten. De kunst is om te kunnen onderscheiden wat uit jezelf komt (bijvoorbeeld een gedachte, een gevoel) en wat van de andere kant komt. Het vraagt innerlijke rust en lukt de ene keer beter dan de andere keer.
Edith vertelt als voorbeeld over een moment uit de workshop in Dornach met Anna Cecilia Grünn, waarbij ze zo werd overweldigd door een gevoel van dankbaarheid van de natuurwezens, dat ze een diepe ontroering voelde. Bij de natuurwezens i
s een enorme behoefte om gekend te worden. ‘Zie ons!’, roepen ze. Ze hopen dat mensen gaan ervaren dat er een onzichtbare wereld is die meeschept. Je zou zelf een ritueel kunnen bedenken om ze iedere ochtend vanuit je hart te begroeten en welkom te heten. Dat werkt al louterend.

 

We lopen naar buiten en vormen een halve cirkel bij een boom aan de rand van de akker, niet ver van het Wisentbos. Jozien neemt ons mee in de begroeting van de natuurwezens op basis van een meditatietekst van Anna Cecilia Grünn en naar een moment van stilte, waarin ieder de indrukken in zich laat opkomen; over wat er op deze plek gewild wordt of wat wezens als (persoonlijke) boodschap willen meegeven. Terug rond de tafel is de sfeer veranderd, stiller en wisselen we de ervaringen uit en nemen de boodschappen mee naar huis.

Andere werkgroepen, waarvan geen verslag is opgetekend, waren:

-Kiezen voor 'gezondheid' als leidend begrip. Door Bert van Ruitenbeek, directeur Demeter
-Hoe voedt biodynamische voedingskwaliteit? En hoe belangrijk is dat in de huidige tijd? Door Ilse van den Bosch, docent en auteur antroposofie en voeding
-Vitaliteit herkennen door inlevend waarnemen van het gewas. Door Joke Bloksma, docent Warmonderhof, begeleider BD boeren
-Toxicologie en de noodzaak van gesloten bedrijfsvoering. Door Dr. Jan Diek van Mansvelt, was o.a. hoogleraar alternatieve landbouw WUR, president IFOAM, RIVM en erelid BD-Vereniging en Ir. Jelmer Buijs, Buijs Agro-Services, onderzocht oa de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen in natuurgebieden en op landbouwbedrijven
-De kwaliteit van de biodynamische imkerij en de honingproductie. De betekenis van de bijen voor het biodynamische bedrijf en de aarde. Door Jos Willemse, Odin imker bijenhoeder
-BD-kwaliteit zichtbaar maken. Door Paul van Doesburg, onderzoeker voedingsvitaliteit Crystal Lab Basel
-Microbioom en voeding. Door Aart van der Stel, antroposofisch arts

Tekst: Ellen Winkel, schrijfwinkel.nl